Bijkluswet: kan u als vzw-bestuurder voor 500 EUR per maand onbelast bijverdienen?

  • GUBERNA
2019
Type
Article
Themes
Codes & Regulations
Organisation type
Social Profit

Als kennisinstituut en ledennetwerk is een onderdeel van onze missie om onze leden zo nauwkeurig mogelijk te informeren over alle aspecten van deugdelijk bestuur in alle types van organisaties. In dit kader was bij onze leden de vraag gerezen of het mogelijk is, onder de “bijkluswet” van 18 juli 2018 (gewijzigd bij wet van 30 oktober 2018), als vzw-bestuurder voor 500 EUR per maand onbelast bij te verdienen.

Op basis van de wettekst deden wij volgende vaststellingen:

  • De wet vermeldt bij de geviseerde activiteiten het bieden van hulp en ondersteuning op occasionele of kleinschalige basis op het vlak van … het bestuur”;
  • De randvoorwaarden voorzien in de wet sluiten een bestuursmandaat niet uit;
  • Artikel 2,1° e) van de wet dat bepaalt dat verenigingswerk elke activiteit is die wordt verricht door een persoon die (…) niet is verbonden door een arbeidsovereenkomst, een dienstencontract of een statutaire aanstelling, doelt op een statutair personeelslid en niet op een bestuurder van de vzw.

De regeling is echter een uitzonderingsregeling en nergens uit de voorbereidende werken bleek duidelijk of het al dan niet de bedoeling was van de wetgever verenigingsmandaten te viseren.

Om onze leden degelijk te kunnen inlichten richtten wij ons derhalve tot de bevoegde ministers.

Recent ontvingen wij als antwoord van de Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën dat de administratie onze vraag onderzocht en tot de conclusie is gekomen dat de uitoefening van een mandaat als bestuurder van een VZW niet als een prestatie in het kader van verenigingswerk kan worden beschouwd, gelet op het vooral ondersteunende en occasionele of kleinschalige karakter van de beoogde prestaties. De Minister voegde daar ook aan toe dat de bepalingen van de wet die voorschrijven een overeenkomst van verenigingswerk te sluiten en de modaliteiten inzake schorsing en beëindiging van dergelijk verenigingswerk eveneens wijzen op de onverenigbaarheid met het (meerjarig) mandaat als bestuurder.